Onderwijsaanpak

In de praktijk :

Christelijke identiteit en onderwijsinhoudelijk aanbod

Wij verwelkomen iedereen van welke levensbeschouwelijke of religieuze achtergrond ook. Als katholieke dialoogschool verwachten wij dat ouders :

  • mee partner zijn in de opvoeding en vorming van hun kind
  • zich engageren met & voor de school
  • ‘samen’ school maken
  • vertrouwen stellen in de wijze waarop verscheidenheid wordt opgenomen binnen het pedagogisch project

Levensbeschouwelijke ontwikkeling vanuit opdrachten Katholiek basisonderwijs
Wij hebben eerbied voor de godsdienstige gezindheid van anderen zonder evenwel onze eigenheid prijs te geven. Van andersgelovige kinderen en ouders wordt verwacht dat zij ten minste loyaal zijn ten opzichte van de geloofsopvoeding en de sociale activiteiten.

We maken kennis met de Bijbel, het Kerkelijk jaar en andere godsdiensten.
Alle leerlingen nemen deel aan de godsdienstlessen en doen mee met de eigentijdse viering in de kerk. Anders gelovigen worden niet verplicht het kruisteken te maken of te communie te gaan..

We leven mee met onze parochiegemeenschap. De eerste communie wordt gedeeltelijk voorbereid in de klas. Het betreft dezelfde inhoud als de godsdienstles.
De plechtige communie wordt in de parochie voorbereid.
Wie zijn communie wil doen moet wel gedoopt zijn.

Sociale bewogenheid – Emotionele opvoeding
Wij vinden het belangrijk om het sociaal-emotioneel aspect te erkennen als een volwaardige pijler bij de opvoeding van onze kinderen.

Met de tien dieren uit de Axenroos bieden wij al onze kinderen (van de eerste kleuterklas tot en met zesde leerjaar) een taal aan om gevoelens en relaties beter te begrijpen en te bespreken. Wanneer kinderen gedragingen van anderen en van zichzelf herkennen kunnen ze ook gepaster reageren, conflicten vermijden of zelfs oplossen.

  • Pauw en wasbeer leren ons waardering geven maar ook graag krijgen.
  • Leeuw en kameel leren ons leiderschap tonen maar ook een volger zijn.
  • Schildpad en uil leren ons dat elk kind de kans moet krijgen om zijn gevoelens te uiten (angst, verdriet, boosheid) maar ook om geheimen te bewaren en eens alleen te zijn.
  • Poes en bever leren ons te zorgen voor elkaar en daarvan ook te genieten.
  • Steenbok en havik leren ons onze grenzen bewaken, opkomen voor onszelf en anderen, maar ook om met een kritische blik naar de wereld rondom ons te kijken.

Tijdens kindgesprekken die in de lagere school één of twee keer per jaar gehouden worden, krijgt de leerkracht nog meer zicht op het totaalbeeld van elk kind

Bij ‘de geluksvogels’ (bovenbouw LS) leren we kinderen weerbaarheid, vriendschapsbanden smeden, het “geluk” zoeken.

We leren kinderen zelf conflicten oplossen vanuit een positieve benadering. Bij ernstige, langdurige of hardnekkige conflicten komt het schoolteam in actie om de situatie onder controle te houden.

In het palaveruurtje, onze leerlingenraad, krijgen vertegenwoordigers uit elke klas (3de t.e.m. 6de) de kans om initiatieven vanuit de klas voor te stellen en te bespreken. Vaak organiseren zij ook middagactiviteiten.

Wiskundig denken
We willen de basiskennis wiskunde aanbieden voor alle leerlingen.

Leerlingen die meer ondersteuning nodig hebben krijgen hulp van de zorgleerkracht :
* door middel van co-teaching in de klas speelt de leerkracht meteen in
op de noden van de leerlingen
* door het aanbod van sterk rekenwerk voor de uitblinkers in dit vak.

Talen
Ruime aandacht gaat naar lezen, schrijven (spelling & creatief schrijven), spreken en luisteren in het Nederlands.
In 3de en 4de leerjaar starten we met Franse taalinitiatie (1u/week).
In 5de en 6de leerjaar zijn de Franse lessen voornamelijk gericht op de mondelinge communicatie (3u/week).

Oriëntatie op de wereld
Alle domeinen (ruimte, tijd, natuur, samenleving en techniek) komen ruimschoots aan bod. Vakleerkrachten geven een initiatie in de technologie en ICT.

Door het organiseren van meerdaagse openluchtklassen in elk leerjaar (lagere school) willen we van onze kinderen wereldburgers maken. De activiteiten steunen op een sterke organisatie en een verantwoorde begeleiding.

Vaardig in het verkeer te voet, met de fiets, … is voor klein en groot een permanent werkpunt. We organiseren een fietsvaardigheidsparcours, fiets- en wandelroutes waarbij de leerlingen getraind en geëvalueerd worden. Er is aandacht voor busevacuatie en omgaan met de “dode hoek”.

Kinderen milieubewust maken is meer dan het leren ontdekken en genieten van de natuur. We motiveren ze tot actieve inzet via orde in het algemeen (op de speelplaats, in de klas, …) tot de aanpak van de wereldproblematiek op kleine schaal (recyclage, afvalbeperking, …).

Gezonde voeding, voldoende nachtrust en persoonlijke hygiëne zijn aandachtspunten doorheen het jaar.

Muzische vorming en mediale ontwikkeling
Dramatische expressie, muzikale opvoeding, muzisch taalgebruik, bewegingsopvoeding, beeld- & media-opvoeding vinden wij belangrijk. Genieten staat voorop evenals beschouwend én creërend bezig zijn. Creativiteit wordt aangemoedigd.

We voorzien in elke leerjaar een muzisch/cultureel aanbod :
– theater en/of poppenspelmuzische namiddag rond Sint, Carnaval, …
– concert,…

Kinderen wijs en bekwaam leren omgaan met multimedia is noodzakelijk. We zetten media creatief en doelgericht in, in de klas en tijdens de ICT-les.

Motorische en zintuigelijke ontwikkeling
Het lichaam leren beleven en beheersen.
Dit gebeurt in de les bewegingsopvoeding, tijdens bewegingstussendoortjes in de klas maar ook tijdens het spel op de speelplaats en gedurende buitenschoolse activiteiten.

In de kleuterschool heeft elke leeftijdsgroep 2 lestijden bewegingsopvoeding.
In de lagere school heeft elke klas minstens anderhalve lestijd bewegingsopvoeding.
Het 1ste tot 4de leerjaar heeft tweewekelijks zwemmen.
Het 5de en 6de leerjaar heeft om de 6 weken zwemmen.
Elke 3de kleuterklas gaat telkens 3 weken na elkaar zwemmen.
In kleuter- & lagere school onderbreken we regelmatig de les met alle kinderen een spring- en dansmoment.
De werkgroep “Sport” verzorgt een aantal naschoolse sportmomenten.

Stimulerend opvoedingsklimaat & brede zorg
In de kleuterschool streven we naar een klasverdeling per leeftijd waarbij kleuterleid(st)ers gericht inspelen op de verschillen tussen kleuters van hun leeftijdsgroep.
Nieuw : we werken op regelmatige tijdstippen leeftijdsgroep doorbrekend of begeleiden kleuters in grotere groep met 2 leerkrachten.

Alle kinderen starten in een instapklas. We streven naar een beperkt aantal kleuters in de instapklas en 1ste kleuterklas.

In Hinxelaar zijn 2 flexi-juffen. Je kan steeds bij hen terecht met praktische vragen.

In de lagere school werken wij met een jaarklassensysteem als basis. Door aangepaste variatie in werkvormen en vooral handelend werken (actief meedoen) trachten we de betrokkenheid van de
leerlingen te verhogen. Elk leerjaar heeft een zorgleerkracht als co-teacher, voor ondersteuning bij hoekenwerk en projecten. Waar mogelijk houden we rekening met leerlingen met speciale noden.
Inclusief onderwijs (voor kinderen met een lichte handicap) kan, indien de draagkracht van de school en de klas dit toelaat.
Nieuw : vanaf dit schooljaar werken we voor bepaalde vakken ook leerjaaroverschrijdend. Hiertoe werden clusters gevormd in 3de/4de en 5de/6de leerjaar. Dit verhoogt de mogelijkheden van de leerkrachten om op de noden van elk kind in te spelen.

De evolutie noteren we in het leerlingvolgsysteem. In de lagere school wordt permanent breed geëvalueerd. Tweemaandelijks krijgen de leerlingen aan de hand van een rapport feedback over hun vorderingen. Wanneer de nood er is zullen we regelmatig, duidelijk en open communiceren met de ouders.